GroenLinks en Europa

Waarom je op 22 mei 2014 op GroenLinks moet stemmen. In het kort vind je de standpunten van GroenLinks over vier thema's:

1. Kernthema Banen
2. Kernthema Energie
3. Kernthema Voedsel
4. Europa, GroenLinks en de euro

I GroenLinks kiest voor een Europa dat investeert in banen

We moeten stoppen de Europese economieën kapot te bezuinigen. Bezuinigen in tijden van recessie leidt niet tot lagere schulden, maar juist hogere schulden. Strak vasthouden aan maximaal 3%-begrotingstekort maakt publieke voorzieningen zoals onderwijs kapot. Toekomstige generaties zijn de klos. In plaats daarvan moeten we investeren in nieuwe, duurzame bedrijvigheid:
GroenLinks zet in op de ontwikkeling van duurzame energie en een groene economie in Europa. We zijn nu in de EU elke dag een miljard euro kwijt aan dure energie-importen uit Rusland en andere foute regimes. Wij houden de energiemiljarden liever in de Europese economie, waar ze groene banen scheppen. Duitsland geeft (wat dat betreft) het goede voorbeeld: vergroening én banen.
Belastingen: GroenLinks wil werknemers ontzien en multinationals hun eerlijke bijdrage laten leveren. De belasting op arbeid is nu hoog. Die betalen jij en ik. Multinationals ontwijken gemakkelijk belasting via brievenbusmaatschappijen. De belasting op bedrijfswinsten is de laatste veertien jaar gedaald van ongeveer 35% tot 25% nu (gemiddeld over alle eurolanden). Door waterdichte Europese afspraken tegen belastingontwijking en een Europees minimumtarief voor bedrijven wordt het aantrekkelijker om mensen in dienst te nemen en scheppen we dus banen.
GroenLinks reguleert de banken en financiële markten. De bankencrisis is nog niet opgelost. Banken moeten geld kunnen uitlenen voor nuttige investeringen in plaats van gevaarlijke en complexe financiële handel. Daarmee komt de economie in Europa weer op gang. GroenLinks wil een belasting op financiële transacties: dat ontmoedigt financieel speculeren en de opbrengst kunnen we investeren in de productieve economie. Eerste succes: de Groene Europese Fractie zorgde voor de beperking van bankenbonussen.
Meer doen tegen jeugdwerkloosheid is nodig én rendabel. In Nederland is die al te hoog, in bijvoorbeeld Spanje en Griekenland alarmerend hoog. Er is een investering nodig van 21 miljard euro, die vervolgens 153 miljard euro aan kosten bespaart die we anders kwijt zijn aan uitkeringen en verlies aan menselijk kapitaal. GroenLinks wil dat de EU meer middelen uittrekt voor dit urgente probleem en dat afzonderlijke landen meer ruimte krijgen om dat zelf te doen: investering in jeugdwerkgelegenheid moet niet meetellen in het begrotingstekort.
GroenLinks wil de sociale kant van het Europese project verder uitbouwen.
◦Europa is niet van de bedrijven, maar van ons: veel rechtse politici gaan blind voor de vrije markt. Wij niet. De EU kiest steeds vaker voor het versterken van sociale rechten, en dat juichen wij toe.
◦Voorkomen van oneerlijke concurrentie vergt afspraken: landen kunnen zelf keuzes maken over hun sociale zekerheid, maar Europese afspraken zijn noodzakelijk om concurrentie op lonen en arbeidsvoorwaarden te voorkomen. We willen voorkomen dat Nederlandse bedrijven vertrekken naar landen zonder goede afspraken over minimumlonen of andere sociale rechten.
◦Goede pensioenen vergen afspraken: de inrichting van het pensioenstelsel is de bevoegdheid van Nederland, maar Europese afspraken zijn noodzakelijk voor een goed pensioen in Nederland. Want pensioenvoorziening, overheidsfinanciën en financiële markten zijn nauw met elkaar verbonden in Europa.

II GroenLinks wil dat Europa zelf schone energie produceert

Wat GroenLinks wil is eenvoudig: laten we de juiste prijs hanteren voor zaken die we niet willen, zoals vervuiling, verspilling en uitputting van hulpbronnen. Als de vervuiler betaalt, hebben we geld om zaken goedkoper te maken die we wél willen, zoals banen. Bedrijven betalen dan belasting over vervuiling in plaats van over arbeid. Dat we dit niet aan de markt zelf kunnen overlaten is de afgelopen decennia pijnlijk duidelijk geworden.
Het klimaatprobleem dreigt vooral door de laatste 30 jaar ‘vooruitgang’ onbeheersbaar te worden.
Als de Europese burgers in mei een groener Europarlement kiezen, kan dat de druk op de nationale regeringsleiders verhogen. In Brussel wordt nu gepraat over de doelstellingen voor 2030. GroenLinks wil dat er (weer) drie klimaatdoelen komen: voor hernieuwbare energie, energiebesparing én reductie van CO2-uitstoot, omdat deze drie doelen elkaar versterken. Bovendien zouden de 2030-doelen net als de 2020-doelen doorvertaald moeten worden naar specifieke en bindende subdoelen voor elk land. Alleen daarmee maak je immers van mooie woorden haalbare actie. GroenLinks en de Groenen in het Europarlement gaan het verste in hun doelstellingen. Het Europees Parlement (tot nog toe) minder ver. De Europese Commissie nog minder ver. De Nederlandse regering hangt helemaal aan de rem. De Europese regeringsleiders zijn van plan een besluit te nemen voor oktober 2014. Een groener Europarlement kan daar invloed op uitoefenen.
Klimaatdoelstellingen 2030 (kan handig zijn om te weten, niet om actief uit te dragen)
◦GroenLinks: 45% hernieuwbare energie, 40% energiebesparing en 60% minder CO2-uitstoot.
◦EP: 30% hernieuwbare energie, 40% energiebesparing en 40% minder CO2-uitstoot.
◦Europese commissie: 40% minder CO2-uitstoot (en een niet-bindend streefdoel van 27% duurzame energie)
◦De Nederlandse regering (VVD/PvdA) wil geen bindend doel voor energiebesparing. En wil ook geen EU-doel voor duurzame energie doorvertalen in bindende nationale subdoelen.
Wie betaalt dat? Het hele continent omschakelen naar 100% duurzame energiebronnen vergt een hoop geld. Wat krijgen we daar voor terug? Veel banen, goedkopere, duurzame en veilige energie. En wat we nu doen, kost ook geld: momenteel betaalt Europa zo’n 1 miljard euro per dag aan de import van energiebronnen (kolen, olie, gas, uranium) uit politiek vaak instabiele regio’s. De benodigde investeringen moeten komen van grote Europese instituties (zoals de Europese Investeringsbank en de Europese Centrale Bank), én van bedrijven.
◦Heldere Europese klimaat- en energiedoelen bieden bedrijven met groene innovatieplannen meer zekerheid dat deze investeringen zullen renderen.
◦GroenLinks wil dat met name de bedrijven die veel geld hebben verdiend aan fossiele energiebronnen, gaan meebetalen aan het vergroenen van onze energie. Grote bedrijven betalen in Nederland veel minder energiebelasting dan huishoudens. In 2010 alleen al gaf Nederland 5,6 miljard euro uit aan directe of indirecte subsidies voor de fossiele industrie, tegenover 1,5 miljard euro voor duurzame energie.
◦In Duitsland wordt de energietransitie nu grotendeels betaald door huishoudens. Zij betalen extra energiebelasting, terwijl bedrijven hiervan goeddeels zijn vrijgesteld. GroenLinks wil dat de lusten en de lasten van de energietransitie eerlijk verdeeld worden.
Wel inzetten op zon, wind en energiebesparing, niet op kernenergie, schaliegas of biobrandstof. Atoomstroom en schaliegas zijn niet veilig genoeg. En ook niet nodig, als we flink inzetten op energiebesparing. Biobrandstoffen zijn niet per definitie goed voor het milieu, en kunnen voedselprijzen verhogen. pagina 3 van 5

III GroenLinks maakt zich hard voor een Europa waarin je weet wat je eet

Een ander Europees landbouwbeleid. Onze voedselvoorziening kun je niet volledig aan de markt overlaten. Aan de andere kant is GroenLinks ook geen voorstander van het huidige Europese landbouwbeleid. Het huidige landbouwbeleid kost de Europese burger zo’n 55 miljard per jaar, dat is 40%, dus bijna de helft, van de totale EU-begroting. Daarvoor krijgen we te weinig terug: het landbouwbeleid garandeert geen veilig voedsel, is slecht voor het milieu, slecht voor dierenwelzijn en bevoordeelt een minderheid van grote landbouwbedrijven (80% van de landbouwsubsidies gaat naar 20% van de rijkste “boeren” - dat zijn in werkelijkheid multinationals zoals Mars, dat bedrijf krijgt subsidie op de melk die het in de chocoladereep verwerkt.
Het streven van GroenLinks is een landbouwsector waar boeren een redelijke prijs voor hun producten kunnen verdienen en de kosten van verduurzaming in hun prijzen kunnen doorberekenen zodat de landbouw grotendeels zonder overheidsgeld kan bestaan. Maar deze visie is niet van de ene op de andere dag realiteit. Abrupt stoppen met Europees landbouwbeleid betekent dat de landbouw uit forse delen van Europa zal verdwijnen. En daar waar de landbouw nog zal blijven bestaan, zal die intensief en industrieel van karakter zijn om nog te kunnen overleven. Een geleidelijke overgang is nodig.
De massaproductie van vlees, zuivel en eieren brengt hoge kosten met zich mee voor dierenwelzijn, klimaat en milieu. Het veevoer voor alle dieren die we daarvoor in Europa houden, komt uit Latijns-Amerika en Afrika.
◦Daar worden bossen opgeofferd (jaarlijks verdwijnt er een bos ter grootte van Portugal ten behoeve van de veeteelt).
◦Bovendien wordt daar de landbouwgrond steeds schraler omdat de oogst naar Europa gebracht wordt. En wij zitten met het overschot aan mest dat al die dieren produceren.
◦Industriële veeteelt bedreigt tevens de voedselzekerheid: 90% van alle soja, 33% van alle graan en 20% van de vis wordt opgevoerd aan vee. Terwijl mensen dat ook direct zelf zouden kunnen eten.
◦Het is daarom belangrijk dat we minder vlees en zuivel gaan eten. De EU kan daaraan een belangrijke bijdrage leveren door de ontwikkeling, productie en consumptie van plantaardige alternatieven krachtig te stimuleren.

IV Europa, GroenLinks en de euro

Solidariteit met de armere landen en regio’s in de EU is een slimme investering in onze eigen welvaart. Een voorbeeld: sinds Polen in de EU zit, is onze export naar Polen verdriedubbeld (naar 9 miljard euro). De import uit Polen bedroeg 5,5 miljard. Exportoverschot: 3,5 miljard. Poolse consumenten scheppen dus tienduizenden banen voor Nederlanders (en ja, ook voor een enkele Pool alhier).
GroenLinks ziet niet alleen economisch voordeel in de interne markt en de euro, maar vooral ook politiek voordeel. Het geeft Europa een sterkere rol op het wereldtoneel. Binnen Europa is er een gezamenlijk belang om conflicten vreedzaam op te lossen. Europeanen profiteren ook op persoonlijk niveau van de vrijheden om overal te wonen, te werken, te studeren en te ondernemen.
Concrete voorbeelden: de interne Europese markt heeft veel extra welvaart opgeleverd. Over de landsgrenzen kun je makkelijker studeren, gratis pinnen, veel goedkoper bellen en medische behandelingen vergoed krijgen. Groene stroom krijgt voorrang op het elektriciteitsnet. Je kunt schadevergoeding claimen als je vlucht of trein uitvalt. Er is betere controle op schadelijkheid van chemische stoffen. Monopolisten (bijvoorbeeld Microsoft en Google) en kartels worden stevig aangepakt.
Meer Europa, maar dan wel voor de juiste dingen
Welvaart eerlijker delen. De afgelopen tien jaar zijn multinationals steeds minder belasting gaan betalen, en de burgers steeds meer. Die scheefgroei willen we aanpakken; een sociaal Europa zorgt voor ervoor dat Europa niet alleen controleert of een land zich aan begrotingsregels houdt, maar ook of de welvaart wel eerlijk verdeeld wordt.
Voor een socialer en groener Europa is op een aantal belangrijke terreinen méér Europa nodig:
samen werken aan een duurzame energievoorziening die de EU minder afhankelijk maakt van de invoer van gas, olie en kolen;
samen werken aan een sterkere eurozone die landen niet alleen afrekent op hun begrotingstekort, maar vooral op het scheppen van banen en het voorkomen van armoede en uitbuiting;
banken intomen en belastingontwijkers aanpakken;
zorgen dat Europa beter opgewassen is tegen grootmachten als de VS en China en hindermachten als Rusland.
Europese democratie is werk in uitvoering. Er valt nog veel te verbeteren aan de democratische controle in de EU. GroenLinks knokt daarvoor. Toch is er in 60 jaar veel bereikt. In geen enkel werelddeel gaat de grensoverschrijdende democratische besluitvorming zo ver als in Europa.
Een stem op GroenLinks telt mee in Europa
We werken samen met alle andere groene partijen in Europa. In omvang zijn we de vierde fractie in het Europarlement. Regelmatig hebben we linkse of progressieve meerderheden gesmeed. De Groenen zijn de meest eensgezinde fractie in het EP. Daardoor is onze invloed groter dan ons aantal zetels suggereert; een stem op GroenLinks telt extra mee. Lijsttrekker Bas Eickhout staat te boek als één van de meest invloedrijke duurzame Nederlanders (vijfde in de Trouw Duurzame Top-100). Judith Sargentini zette zich van alle Europarlementariërs het meest in voor eerlijk beleid tegenover ontwikkelingslanden (European Fair Politician of the Year 2013).
De euro: eruit stappen is een slecht idee, en heus niet alleen vanwege de kosten
GroenLinks was destijds tegen de invoering van de euro zonder een goed gezamenlijk Europees beleid. Maar nu stoppen is geen optie: het zou een grote klap betekenen voor onze welvaart en het verlamt de Europese Unie. We zijn dan minstens 10 jaar kwijt met politieke strijd over wie de rekening betaalt: een omelet kun je wel (eerlijk) verdelen, maar niet splitsen in afzonderlijke eieren.